U bevindt zich hier: Skip Navigation LinksHome > Nieuwsbrieven > 2006 april
Brieven uit Yalanhuitz

Maart-April 2006

Eva:

Hola Hola,

De vorige keer toen 'k jullie schreef was 'k op uitstap met Miriamtje (mijn metekindje) (metekindje) en haar familie. Het viel ongelofelijk goed mee! Zowel zij als ik hebben er enorm van genoten! 't was wel nogal druk. Zeven kinderen, mama, papa en opa van Miriam...

We hadden geluk dat ze bij familie konden verblijven, maar zo kwamen er nog een zestal andere kinderen bij die ook wel graag mee gingen op uitstap. Zo zat de auto altijd bomvol (gemiddeld 15 mensen). Op vrijdag gingen we zwemmen in een openluchtzwembad.

Zaterdag gingen we naar de markt in Colotenango, waar de mensen heel typisch en kleurrijk gekleed zijn. Zaterdagmiddag kwam Peluzin (clown) om hen wat te animeren en in de namiddag speelden de kinderen op een speelpleintje (voor de eerste keer in hun leven!).

Zondagmorgen zouden we naar een mooie rivier gaan, maar de dochter (Florinda) van de familie bij wie Miriamtje en de ganse familie verbleven, was erg ziek en werd om 3u00 's morgens opgenomen in het ziekenhuis.

Die zondag reden we de ganse dag van het ene ziekenhuis naar het andere, voor onderzoeken voor Florinda. Uiteindelijk bleek het een apendicitis te zijn die reeds gesprongen was. Dokters twijfelden om haar diezelfde dag nog te opereren, maar de operatie werd uiteindelijk nog uitgesteld.

's Avonds hielden we nog een piñata (papieren pop gevuld met snoepen). Kinderen moeten die met een stok kapot slaan en we aten taart voor Miriams 3de verjaardag!

Maandag reed ik nog wat rond van hier naar daar, internet, boodschappen doen, werkjes voor 'Leven in Liefde', ...om de dinsdagmorgen terug te kunnen vertrekken naar Yalanhuitz.

Op de terugweg stopten we in Nenton (dorpje) om er te eten. Mateo (papa van Miriam) kwam er een vriend tegen en terwijl wij nog wat groenten kochten op de markt, begon hij te drinken... Zijn vriend was ladderzat... Op de terugweg begon Ana (mama van Miriam) te wenen. Ze vertelde me dat Mateo haar die avond zou slaan. Mateo is sinds februari terug van de Verenigde Staten. Sinds hij terug is, drinkt hij heel veel en slaat Ana regelmatig. Hij wil terug naar de USA, maar wil eerst definitief afscheid nemen van zijn vrouw en kinderen. Hij moedigt Ana dagelijks aan om een nieuwe man te zoeken, die ook voor hun zeven kinderen wil instaan. Vreselijk! Anatje is er zo kapot van en ziet helemaal geen toekomst zonder hem. Ze vertelde me dat ze eraan denkt om "veneno" (gif) te drinken en vroeg me om de twee kleinste kinderen (Miriam en Patricia) in mei mee te nemen naar België.

't Is zo'n triestige situatie! 'k Verzekerde haar dat we samen altijd wel een oplossing zouden vinden en dat ze er niet alleen voor staat. Eergisteren kwam ze nog langs terwijl Mateo aan het drinken was. Gelukkig houdt ze zich sterk!

Miriam met zusjes

Hanne:

Mensenlief,

Hola hola,hier ben ik dan opnieuw. Voor het moment zijn we nog in Yalanhuitz, maar bijna twee maanden verder dan de laatste nieuwsbrief. Onze stadsperiodes waren een beetje verschoven. Half maart zijn we vervroegd naar de stad gegaan, en daarom paste het best de volgende stadsweek pas half mei te plannen.

Hier in Yalanhuitz stellen we het nog steeds heel goed. De mensen zijn heel vriendelijk. Als we in het dorp wandelen, roepen de kindjes onze naam en ‘hola hola’ als echte deugnietjes. Van ver hebben ze soms een grote mond, maar eens dichtbij, kruipen ze achter hun armen van schaamte. Ze giechelen en lachen veel zowel de jongetjes als de meisjes.

Er is nog veel werk op gebied van het verbeteren van de gezondheidstoestand ter plaatse, er zijn nog veel plannen… en dat maakt het zo boeiend. We voelen meer en meer dat mensen informeren zo belangrijk is. Voor mij gaat het vooral over zwangere vrouwen informeren over risico’s van een zwangerschap en bevalling, maar ook hen meer en meer informeren over gezinsplanning en hen die mogelijkheid aanbieden. Eva is van plan om volgend jaar met twee groepen gezondheidswerkers te starten, een groep gevorderden en een nieuwe groep beginnelingen. Voor Kurt is het meer in de richting van de mensen informeren over de risico’s,symptomen en behandeling van Tuberculose.

Misschien zal ik jullie eens proberen ‘kort’ te vertellen wat de hoogtepunten of dieptepunten waren van de voorbije weken:

Op 10 maart gingen Kurt en ikzelf naar Pojom om er consultas te doen. Het dorp was goed voorbereid en de consultas verliepen vlot. Ik deed de onderzoeken,Kurt de administratie.

Uitstap met de traditionele vroedvrouwen

Hanne:

Op 17 maart was de uitstap gepland voor de traditionele vroedvrouwen naar 'Casa Materna' in Huehuetenango (hoofdstad van de provincie). Het was spannend voor mij omdat dit de eerste keer was dat we zoiets organiseerden. Er waren 7 vroedvrouwen uit 4 verschillende dorpen. Het was een succes! Voor de meeste vrouwen was het de eerste keer dat ze naar de stad gingen. We vertrokken rond 7 uur ’s morgens en kwamen tegen de middag toe in het nationale ziekenhuis.

Daar deden we een rondleiding via de spoedgevallen, het bevallingskwartier, de materniteit, pediatrie, ziekenzalen, en de externe consultas...

In de plaatselijke cafetaria aten we er tussen de dokters en verpleegkundigen.

We werden vriendelijk onthaald in het ziekenhuis en kregen er uitleg van een verpleegkundige. Het is goed dat de traditionele vroedvrouwen het ziekenhuis leren kennen, zodat ze er ook vertrouwen zouden in krijgen en kunnen helpen met uitleg wanneer we iemand naar het ziekenhuis moeten sturen.

Om 14 uur werden we verwacht in de ‘Casa Materna’, de doelstelling van de dag. Casa materna is een huis voor vrouwen met risico zwangerschappen. Ze kunnen er verblijven in afwachting voor de bevalling, ook soms na de bevalling. De bevalling zelf gebeurt in het ziekenhuis die even verderop gelegen is. We kregen aangepaste uitleg. De coördinatrice van de ‘Casa Materna’ kon zich goed inleven in de situatie van de vrouwen in de verafgelegen dorpen, en kon hen ook bewust maken van het feit dat het zo belangrijk is om vrouwen met problemen door te sturen. Het dorp verlaten is moeilijk als moeder van 7 kinderen, maar toch zoveel belangrijker dan sterven en helemaal er niet meer zijn. Voor ons lijkt het zo duidelijk maar toch zal er nog veel werk zijn om de zwangeren te informeren, voor te bereiden in geval van… Dit is nu onze grote doelstelling: samen met de vroedvrouwen die in opleiding zijn, info-namiddagen geven aan de zwangere vrouwen in de verschillende dorpen.

Daarna was er tijd voor ontspanning. We installeerden de vroedvrouwen eerst in een dicht bijzijnde herberg en reden dan naar de plaatselijke Maya-ruines, de ‘Zaculeu’. Het was boeiend voor hen om de rituelen van hun voorouders te leren kennen en de overblijfselen van tempels en altaren en zo te zien. Het was mooi weer, het was nog niet te laat en besloten om eens naar het centrum van de stad Huehuetenango te rijden. We bezochten de kathedraal, wat voor hen zeer indrukwekkend was. Ook het drukke centrale park met de vele verkopers en schoenpoetsers. We aten ’s avonds in een pizzeria, waar ze toch hun traditionele tortillas met bruine bonen en kip verkozen. De vroedvrouwen waren nu voluit aan het kletsen en giechelen over hun ervaringen, en ze waren content. Ze waren ook al moe, sommigen waren al om 3 uur opgestaan om te voet naar Yalanhuitz te komen. We gingen met de auto terug naar de herberg en tegen 20u30 lieten we hen daar achter.

Bezoek aan ziekenhuis en Casa Materna

De volgende dag reden we een stukje om naar de Mexicaanse grens waar we Ann en Wim ophaalden (twee vrienden van Kurt).

Novenario

Eva:

De voorbije twee weken in Yalanhuitz waren redelijk rustig. Vrijdag 18 en zaterdag 19 maart gingen Hanne en Kurt met de traditionele vroedvrouwen op uitstap naar Casa Materna in Huehuetenango. Birte en ik bleven in Yalanhuitz.

Zaterdagavond kwamen Hanne en Kurt terug thuis, samen met Wim en Ann (vrienden van Kurt die voor enkele dagen op bezoek kwamen). Diezelfde avond was het "novenario" (herdenking - nachtwake) voor Juana die net een jaar geleden overleden is bij de bevalling van haar dochtertje.

Vorig jaar zijn er zoveel mensen gestorven in die periode. Die herinneringen en herdenkingen zijn nog steeds zeer pijnlijk. 'k Hou m'n hart vast, maar gelukkig is er dit jaar nog niemand gestorven in Yalanhuitz.

Marimba-muziek tijdens novenario

Hanne:

Dinsdag 21 maart ging ik samen met Ann en Wim consultas doen in het dorp Platanar. We konden een deeltje met de auto doen en daarna wandelden we nog een uurtje. Het was zeker een jaar geleden dat we daar consultas hadden gedaan en we konden het goed voelen. We moesten ons haasten om 26 consultas erdoor te krijgen. Het viel op dat er verschillende kindjes waren met allemaal een zelfde soort huidziekte. Geïnfecteerde blaasjes en ronde zweren op de huid van hun buikje, benen en armen. We probeerden hen te behandelen met een breed spectrum antibiotica.

Eva:

Dinsdag gingen Hanne, Birte, Ann en Wim naar Platanar om er consultaties te doen, terwijl ik in Yalanhuitz bleef om er de consultaties te doen. 's Avonds kwam Nana Yaw toe. Nana Yaw is een Duitse dokterstudent. Zijn ouders zijn van Ghana, maar wonen in Duitsland. Hij is echt grappig, groot, donkergekleurd, fotomodel, speelt mee in televisieserie, ... en trekt in tussentijd al goed z'n plan in het kliniekje.

Woensdag vertrokken Hanne, Kurt, Ann en Wim naar Huehuetenango en bleven we met z'n drieën over in Yalanhuitz (Birte, Nana Yaw en ik). Bi en Nana Yaw doen de meeste consultaties, waardoor ik wat tijd heb om grote kuis te houden voor 'k naar België kom.

Hanne:

In de kippenkwekerij is er die dag ook een nieuwe lading kippetjes dag toegekomen. 5 dozen met telkens 100 kuikentjes in. Het is goed dat er toch een nieuwe kleinere groep mensen zich inzetten voor het uitproberen van het kippenproject. De mensen zelf denken dat het niet rendabel is. We zullen zien… Kurt volgt het nu nauw hun boekhouding op. Sebastian de penningmeester van het kippenproject komt telkens de facturen tonen, die Kurt dan ingeeft in de computer. Binnen een week zal de verkoop beginnen en dan zal het ook zeer goed moeten worden bijgehouden. De ‘concentrados’, de gekochte kippenvoer vanuit de stad zijn de duurste aankopen. De transportkosten proberen we ook te helpen verminderen, door telkens we van de stad naar het dorp komen, ook zo’n 300 kilo concentrados mee te brengen. De kippen op zich groeien vrij snel, er zijn er slechts enkelen gestorven tot nu toe. We kijken uit naar de verkoop, we zijn benieuwd!

Aankomst van nieuwe lading kuikentjes

Hanne:

Woensdag 22 maart gingen we naar San Mateo-Ixtatan (hoofdgemeente van de municipio, een provincie is opgedeeld in verschillende municipios) om medicatie af te halen, die we krijgen van het ministerie van gezondheidszorg in Guatemala, in ruil voor het vele papierwerk. We kregen een jutezak vol medicatie wat een succes was. We maakten ook afspraken met de hoofdverantwoordelijke, dokter Aron de Leon, ivm het opvolgen van tuberculose-patiënten en het solliciteren van tb-medicatie. In San Mateo bezochten we ook ons metekindje Carmen-Isabel (Caramelleke, bijna 4 jaar) die me na al die tijd nauwelijks herkent. Ondertussen hadden we ook 3 patiënten mee die we zouden begeleiden in Huehue in het nationale ziekenhuis. Het was een serieuze en vermoeiende rit om via San Mateo naar Huehue te rijden over de hobbelende wegen.

De volgende dag moesten de 3 patiënten paraat staan om 4u00 ’s morgens aan de deur van het ziekenhuis om zo, vooraan in de rij te kunnen staan voor de ophaling van hun nummertje om later bij de dokter op consult te gaan. Wij gingen om 0700 uur om zeker hen te kunnen begeleiden als de dokters zouden toekomen. Er was die dag net geen elektriciteit (wat wel vaker voorkomt in Huehue) en daarom duurde het langer voor alles op gang kwam. Met 1 patiënt moesten we naar het centrum voor een scanner te laten nemen van zijn hoofd omdat hij al jaren enorme hoofdpijn had. Er werd niets ernstigs gevonden en de dokter raadde de jonge man aan om een lief te zoeken en daarmee zou het probleem wel oplossen… wie weet?

De andere patiënt werd geholpen met medicatie. En de derde patiënt was Mateo Garcia. Hij is de jongen van 17 jaar die ik in mijn vorige brief vermelde die zware longproblemen heeft en tuberculose. Hij was de vorige keer opgenomen in het ziekenhuis, in een afzonderingskamer. Ze hadden reeds twee keer meer dan een liter vocht uit zijn longen gedraineerd. Hij was erg eenzaam in het ziekenhuis, en nog voor hij zijn behandeling kon starten met tuberculose-medicatie, was hij zelf weggegaan uit het ziekenhuis en naar huis teruggekeerd.

Nu was hij opnieuw met ons mee en overtuigd van het belang van een behandeling. Hij werd onmiddellijk doorgestuurd naar een groter ziekenhuis in Quetzaltenango. We hebben hem naar daar begeleid. Van daaruit werd hij opnieuw doorgestuurd naar een gespecialiseerd ziekenhuis voor longproblemen, Hospital del Thorax. Het ziet er een goed ziekenhuis uit. Het is in het begin wel even wennen om daar op bezoek te gaan want het lijken me allemaal uitgemergelde sukkelaars die om ter meest hoesten en fluimen… De verblijvende patiënten zijn in zalen verdeeld van mannen en vrouwen. Ze hebben per zaal een televisie en daar zijn de patiënten wel blij om. Ze worden nauwkeurig opgevolgd om hun tuberculose-medicatie correct te nemen. Ze krijgen er ook goed en genoeg eten, ze kunnen naar buiten, ze krijgen soms les over hygiëne, aids...

Mateo is er graag, hij maakte er snel vrienden en hij wil nu echt genezen. Hij is er nu al meer dan een maand en loopt nog steeds met twee bokalen die continu ‘vocht’ (groene fluimen) uit z’n longen zuigen. Hij is wel aan de betere hand, hij heeft minder pijn, kan al veel gemakkelijker praten, zijn stem is luider en voller. Hij zal er zeker 2 maanden moeten blijven.

Erg zieke patiënte in Ixquisis

Eva:

Donderdag 23 maart belde Hanne me op om te zeggen dat het heel slecht ging met Doña Angelina (tuberculose-patiente in Ixquisis). Aangezien 'k de auto niet had, zouden we er met de moto naar toe gaan. De benzine was op, dus ging 'k benzine halen bij Mateo, waar 'k zag dat we ook nog platte band hadden. Gelukkig passeerde er een vrachtwagen, met een paar lieve jongens die ons met moto en al meenamen naar Ixquisis en daar de band oppompten. Zo geraakten we nog voor 't donker in Ixquisis... Angelina zag er zeer slecht uit. Ze hoestte veel en was enorm mager en zwak. Diezelfde namiddag was de priester bij haar geweest om haar de ziekenzalving te geven. Angelina was zo blij dat we haar medicatie kwamen brengen. Ze straalde nog zoveel hoop uit. Ze nam me vast en liet m'n handen niet meer los.

Angelina met haar man

De terugweg van Ixquisis naar Yalanhuitz was echt benauwelijk! Die weg ligt er echt vreselijk slecht bij, veel modder en kiezelsteentjes! Of lag het aan mij, aangezien 't bijna een jaar geleden was dat 'k nog met de moto had gereden... We kwamen, na veel vloeken, maar zonder vallen, in 't donker thuis.

Zondag zouden we naar Rincon gaan om te kijken hoe 't was met Eulalia. Eulalia werd op 14 februari geopereerd in Huehuetenango (keizersnede). Een kleine week later kwam ze met mij terug mee naar Yalanhuitz, maar ze herstelde niet goed. Haar baarmoeder is nog steeds heel groot en pijnlijk.

Die zondag gingen we te voet naar de markt in Ixquisis (1u00 stappen) en zouden daarna naar Rincon gaan (nog half uurtje stappen), maar 't begon enorm te regenen, waardoor we 't niet zagen zitten nog langer in de regen te stappen en de bus naar Yalanhuitz te missen...

Onderweg naar de markt kwamen we Halcon (ons vroeger paard) tegen. Halcoontje zag er wat mager uit, maar wel gezond en braaf. Halcon woont nu in Mexico (bij nieuwe eigenaar) en kwam heel toevallig nog eens naar Guatemala naar de markt. 'k Was echt blij hem terug te zien en met hem een paar toertjes te kunnen rijden... 't was weer, zoals Hanne het vroeger steeds omschreef, als vliegen in de wolken. Zalig!

Hanne:

In het weekend zijn we samen met Wim en Ann op reis geweest. Een dagje in Panajachel en het weekend aan de zee in Monterrico! Ja,'rico' was het zeker! Het was tof om met Wim en Ann samen te zijn. Het deed eens deugd om te luieren in de zon, en te genieten van echt lekker eten, hoewel we met onze gedachten veel bij de patiënten waren. Op maandag vergezelden we Wim en Ann naar de Mexicaanse grens, waar we afscheid van hen namen. Kurt en ik, konden ook elk een nieuwe stempel bekomen in onze paspoorten en zo zijn we weer voor 3 maanden op ons gemak als ‘toerist’ in Guatemala. Die dag reden we ook verder naar Quetzaltenango om Mateo nog eens te bezoeken en met zijn behandelende dokter te praten. Het was een vriendelijke man die ons dan ook mee nam naar zijn huis om allerlei documentatie en affiches over tuberculose en aids mee te geven.

Grootmoeder van Mateo enkele dagen later veel beter!

Eva:

Dinsdag 28 maart gingen we nog eens op bezoek bij Doña Angelina in Ixquisis. Ze voelde zich iets beter. Hopelijks werkt haar tuberculose-medicatie snel en wordt ze beter! 'k Hou m'n hart vast! We gingen ook naar Eulalia in Rincon. Ze had iets minder pijn, maar haar baarmoeder is nog niets verkleind. Op zaterdag moest ze met ons mee naar het ziekenhuis in Huehuetenango, maar kwam niet opdagen. Intussentijd is Nana Yaw al een paar dagen ziek. Amoeben. Hij zag er echt ellendig uit, maar is nu aan de beterhand... Vandaag heb ik het zitten... 'k Ben zo misselijk... word morgen wel beter.

Ongeval in Pojom

Eva:

Op 30 maart draaide 't kliniekje op volle toeren... In Pojom zijn ze een brug aan het bouwen. De brug wordt gebouwd met materiaal en volgens instructies van de overheid. Blijkbaar zat er fout in de constructie en waren de materialen van te goedkope kwaliteit, waardoor de brug (8 meter hoog!) inzakte terwijl er 40 mensen op stonden te werken! Zo kwamen er drie auto's met patiënten toe in Yalanhuitz. Uiteindelijk waren diegene die er het minst erg gewond uitzagen, er het ergste aan toe. Eerst zagen we alle mensen met wonden, kneuzingen, steentjes in ogen... Twee mensen moesten genaaid worden (één iemand grote wonde op z'n hoofd, iemand anders wonde aan arm en hand). 't Leek op 't eerste zicht veel erger dan het uiteindelijk was en gelukkig niemand in levensgevaar! Eén iemand van de patiënten in de rij was Ramos. Geen bloed, liep normaal recht, geen ogen vol steentjes, zag er 't meest normaal uit van iedereen... tot hij vertelde dat hij zo'n pijn had aan z'n teelballen. Blijkbaar had hij, net daar, een zware slag gekregen van een stuk beton. Zijn teelballen waren 5x normale grootte en voelden hard aan. Hij had ongelofelijk veel pijn. Een auto van de overheid bracht hem (aangezien ik de auto niet had), na wat aandringen, naar het ziekenhuis in Huehuetenango. Hopelijks loopt alles goed!

Zaterdagnamiddag vertrok 'k samen met Birte naar Huehuetenango. 'k Bleef 'n viertal dagen.

Help een echte HELLP!

Hanne:

Dinsdag 4 april was het ook even verschieten! Kurt was op de computer aan het werken, Nana-Yaw was zijn eerste consultas aan het doen, en ik had er al gedaan maar had nog niet ontbeten, dus ging ik net een beetje mosh (havermout)opwarmen. Ik hoorde een auto afkomen en dacht dat het een lading Ixquisisers was die elk voor hun consulta zouden komen. Maar het was een auto uit Pojom. Ze kwamen met een ‘spoedgeval’. Het was een hoogzwangere vrouw die sinds die morgen 5u00 uur reeds 3 convulsieve aanvallen had gedaan! Zwangerschapsvergiftiging! Zeer gevaarlijk! Ik ging kijken naar de vrouw en ze zag er helemaal opgezwollen uit, echt olifantenbenen, een opgezwollen gezicht en handen. We namen haar bloeddruk en die stond 16/10, veel te hoog! Ik probeerde om met de Dopler de harttoontjes te beluisteren, maar ik hoorde niet direct iets. Er bleef wel telkens een put in haar buik van zeker 2cm diep, van de oedemen.

We mochten geen tijd verliezen, die vrouw moest onmiddellijk naar het ziekenhuis. Ik vroeg de chauffeur of hij nu direct kon naar Huehue rijden, maar hij zei dat ze gezien hadden dat er een vliegtuig was op de piste in Ixquisis. Ik belde hen op en we hadden alle geluk,ze zouden net terug vertrekken naar Guatemala-stad en we konden mee. Catarina was haar naam, we gaven ze nog vlug een pilletje Valium tegen de stuipen die O zo gevaarlijk zijn. Ik nam afscheid van Kurt en Nana-Yaw en we vertrokken onmiddellijk. Ik was enorm bang! Omdat tijdens die stuipen er vanalles kan gebeuren. De placenta kan loskomen, de baby kan sterven…zij kan in coma gaan, kan een hersenbloeding doen, kan ook sterven...

Een 20 minuten later kwamen we in Ixquisis aan, we konden onmiddellijk instappen in het vliegtuigje (allé, instappen, Catarina erin trekken en duwen). Het was een vliegtuigje voor 4 personen. Haar man kon mee, en ik ging ook mee om hen te begeleiden.

Ik was enorm bang, Catarina reageerde minimaal. Ik trachtte steeds om haar pols te voelen, maar soms was het onmogelijk, ik maakte haar dan wakker al kloppend op haar borst of op haar kaken. Ze opende dan even haar ogen en keek verdwaasd enkele seconden. Francisco, haar man die naast de piloot zat, keek me ook om de haverklap angstig aan, hopend op een bevestigend knikje van mij. De piloot vroeg via de radio om een ambulance klaar te hebben op de lucht haven. De vlucht duurde slechts 35 minuten, maar het waren de langste minuten in mijn leven denk ik! Normaal vind ik wat luchtturbulenties tof, maar nu maakte het me bang dat Catarina te veel zou geprikkeld zijn en terug een aanval zou doen. Soms deed ze daardoor spontaan even haar ogen open en keek star en kwaad.

Eens in Guatemala aangekomen, moesten we nog een heel eind wachten op een ambulance, zeker nog een half uur. Om 11u30 deed ze nog een epileptische aanval van 20 seconden. We keken naar haar en konden niet veel doen, enkel haar wat vast houden, en zachtjes trachten te kalmeren. Ze had schuim op haar mond. Ik voelde nu wel ‘het kindje’ bewegen na de aanval en dat gaf me terug een beetje hoop. De mensen op het kantoor van de luchthaven, begonnen nu ook ongerust te komen en probeerden extra te bellen voor de komst van de ambulance. Uiteindelijk was ze daar. Ik dacht dat er snel medische hulp ging komen, maar het waren slechts ambulanciers met een oude camionette met gaten in de vloer. Ze hielpen Catarina uit het vliegtuigje en droegen haar met een draagberrie naar de ambulance. We vertrokken en ja, snel rijden konden ze wel! We moesten ons goed vast houden of we vlogen alle kanten uit. Even later kwamen we aan in het ziekenhuis en daar werd Catarina met voorrang onderzocht. Er werden harttoontjes gevonden, ze had nog een hoge bloeddruk, ze had 3 cm ontsluiting en ze besloten om een gewone bevalling op te wekken. Het gevaar voor bloeding zou te groot zijn voor een keizersnede.

Catarina kreeg een infuus, ze staken een blaassonde en ze werd snel naar de verlosafdeling gevoerd. Ik liep nog even mee, maar aan de deur van de verlosafdeling moest ik wachten, ik mocht zeker niet binnen, ook al probeerde ik erna met de hoofdarts te praten, we mochten Catarina niet meer zien… We mochten enkel bellen op een informatief telefoonnummer.

In de namiddag kregen we niet veel nieuws te horen, maar ’s avonds vertelden ze ons dat Catarina bevallen was van twee meisjes en dat alles wonder boven wonder goed verlopen was,dat ze geen nieuwe aanvallen meer had gehad, en dat ze nog goed moest worden opgevolgd de komende dagen. Er was geen bezoek, zelfs haar man mocht ook niet binnen. Dit was niet alleen voor haar, in gans de materniteit was bezoek verboden!

De volgende dag ging ik toch nog even praten met de hoofdarts, alles was voorlopig goed en we konden enkel afwachten tot Catarina ontslag zou krijgen, waarschijnlijk enkele dagen later.

Via de sociale dienst kregen we papieren voor de slaapplaats waar Francisco verbleef in het centrum van de stad. Een mooie slaapplaats waar familieleden van patiënten kunnen verblijven en eten voor 15Q (kleine 2 euro) per dag. Ik sliep bij de zusters ICM in Guatemala-stad, waar we gelukkig steeds terecht kunnen.

Ik was niet van plan om lang in Guatemala-stad alleen maar af te wachten. Ik probeerde Francisco goed uit te leggen welke bussen hij kon nemen naar het ziekenhuis, wat hij moest doen als zijn vrouw zou ontslag krijgen… De zusters zouden hen ook helpen. Er was een probleem dat Catarina en ook Francisco geen paspoorten mee hadden. Daardoor moest ik de hoofdarts nog eens spreken, hij was boven bij de verloskamer, in vergadering. Ik moest wachten… Ik dacht om een foto te vragen van de kindjes, dat de verpleegkundigen dit konden nemen voor ons. Maar ik mocht uiteindelijk hen heel even zien. Catarina zag er nog heel opgezwollen uit en een beetje verdwaasd, de kindjes mooi maar heel klein, slechts elk 4 libras (een kleine 2kg). De mama had haar kindjes nog niet gezien, en ze mochten ook niet naar haar toe. Ze bleven gescheiden tot Catarina ontslag kreeg. Ze mochten ook geen borstvoeding krijgen. Frustrerend! Ik kon alleen maar bellen en vragen hoe het met hen was, dan kreeg ik een weinig uitleg. Het duurde steeds heel lang om via alle centrales door te geraken en soms gooiden ze de telefoon gewoon toe.

Ook Francisco kreeg nauwelijks uitleg over zijn vrouw en kindjes. Hij ging elke dag naar het ziekenhuis, waar vele familieleden van opgenomen patiënten in een grote bende stonden te wachten en te drummen om er door een spleetje van twee glazen deuren om 12u00 ’s middags, te horen of zijn vrouw wel of niet ontslag zou krijgen.

Eva:

De avond dat 'k terug in Yalanhuitz aankwam (5 april) was er herdenking van Francisco, die net een jaar geleden gestorven was. 'k Ging er naartoe samen met Kurt en Nana Yaw (Hanne was in Guatemala-stad voor een spoedgeval). 't Was langs de ene kant een heel triestige avond en langs de andere kant heel mooi om de verbondenheid tussen alle mensen van Yalanhuitz en met ons te voelen.

Francisco was een uitnemend goed persoon. Isabela bleef alleen over met 7 kinderen... 'k Begrijp niet waar Isabela de kracht uit haalt om zich zo sterk te houden op zo'n avond.

Het weekend erop ging 'k naar Xela om afscheid te nemen van Birte (Duitse dokterstudente) en terzelfdertijd op bezoek te gaan bij Mateo. Mateo is het jongetje (16j) met tuberculose, waar 'k vroeger al over schreef. Z'n mama en broertje kwamen met ons mee om Mateo te bezoeken. Mateo stelt het heel goed. Hij heeft er al veel vrienden (de meeste zijn mannen van rond de 60 jaar... mooi om te zien dat in zo'n situaties de leeftijd niet telt) en houdt er de moed in om twee maanden in dit ziekenhuis te blijven.

Hanne:

Met Catarina is het uiteindelijk wondergoed afgelopen evenals met haar kindjes! Op maandag 10 april, een week later, konden we via dezelfde mensen van het ‘Moscamed-project’ in Ixquisis een vlucht terug regelen voor Catarina, Francisco en de kindjes. Het was een blij en opgelucht weerzien, Catarina zag er zoveel beter uit!

Eind goed, al goed

Haar thuiskomst was ook heel mooi. We voerden haar met de auto over de heel spannende weg naar Pojom. Daar waren er enorm veel nieuwsgierige kindjes en mensen en tegen dat we bij hun huisje aankwamen, waren er enorm veel mensen die hen verwelkomden. Het deed hen ook veel deugd! Ook wij waren warm ontvangen, we kregen er kippesoep! Een week later hoorden we dat de meisjes Ana en Eva heten ! Ze stellen het goed, ze drinken goed,ze krijgen borstvoeding.

Aankomst met tweeling in Pojom

Spannende 'film'

Hanne:

De avond van de thuiskomst van de tweeling waren we van plan om samen met Eva en Nana-Yaw een film te bekijken op DVD. Maar in plaats daarvan werd het een levende spannende film! Er was telefoon vanuit Chaquenal, een dorp op een goed half uur rijden, met de boodschap dat er een vrouw ging bevallen en dat ze bij de vorige bevallingen ook al moeilijkheden had gehad. Kurt en Nana-Yaw en ikzelf maakten ons klaar om snel te gaan kijken wat er aan de hand was.Toen we daar toe kwamen, zag alles er rustig uit. De ‘bevallende’ vrouw stond aan het huis van de telefoon in Chaquenal te wachten. Ze zag er op het eerste zicht nog heel goed uit. Ik dacht eventjes dat ze ons liggen hadden… maar toen ik haar verhaal hoorde, en haar onderzochte, moest ik mijn argwaan intrekken.

Het was een vijfde zwangerschap. Ze had één kindje levend, een meisje van 7 jaar. Er was een kindje gestorven aan kinkhoest. De vorige twee zwangerschappen liepen uit op een keizersnede en telkens met een ‘doodgeboren’ kindje. Nu was ze 8 maanden zwanger,‘zei ze’, en verloor bloed sinds deze middag. Haar bloeddruk was ook aan de hoge kant, ze had lichtjes weeën maar niet veel. Ik onderzocht haar om de ontsluiting te weten en ze had 5 cm opening, fijn verstreken, puilende vochtblaas. Oepsietoepsie… we zouden toch beter naar het ziekenhuis gaan!

Alles was nog heel rustig, we vertrokken op weg naar Huehuetenango, haar schoonvader, dochtertje en man waren ook mee. Zij heette Tomasa. De weg was zoals steeds de eerste uren, erg hobbelig en haar weeën kwamen meer en meer door. Ondertussen vroeg ik nog eens of ze wist wanneer ze het laatst haar maanstonden had gehad. 17 september! O nee, nog erger, ze was geen 8 maanden zwanger, maar nog geen 7 maanden (29 weken). Brr, het was nu echt wel spannend! We besloten om beter naar Comitan te gaan in Mexico omdat het iets dichter is, en we dachten dat ze in Comitan meer medische mogelijkheden zouden hebben voor een ferm prematuur kindje. We hadden pech, we reden naar de grens en het immigratie-kantoor was gesloten omdat het de paasweek was. We konden de ketting die over de straat gespannen was, toch naar beneden duwen en we konden er over rijden.

Aan de Mexicaanse grensovergang, was ook alles gesloten en er hing ook een ketting, maar zeker een meter hoog, we konden er niet passeren! Verdorie! Dan toch naar Huehuetenango.

Vanaf het moment dat er signaal was probeerde ik te bellen naar een dokter-gynaecoloog om te vragen waar we best naar toe gingen met zo’n prematuur kindje. We konden niemand bereiken. Ik belde tientallen keren naar het nationale ziekenhuis en als ik ze uiteindelijk kon bereiken vertelden ze me dat we naar hen moesten komen. Tomasa begon het zwaarder en zwaarder te krijgen! Ze kroop in alle mogelijke posities in de auto… Sinds we hoorden dat ze pas 6 ½ zwanger was hadden we haar al prepar°gegeven om de weeën te milderen, maar het had geen resultaat. Tomasa had persdrang en we moesten nog meer dan anderhalf uur rijden. Tomasa schreeuwde steeds naar Kurt dat hij moest sneller rijden, en bad tot God om verlichting! Diosito por favor, ayuda me!

Het laatste uur hielp ik haar met tegendruk te geven bij elke contractie, als het ware de vochtblaas trachten binnenin te houden. Het was enorm moeilijk voor Tomasa, maar ze trachtte er alles aan te doen om niet mee te persen. Ik had al het gerief rond me klaarliggen in de auto, mocht ze bevallen.

Het kindje bleef goede harttoontjes hebben. Uiteindelijk arriveerden we in Huehuetenango om 2u00 ‘s nachts. We hadden Tomasa al zoveel keer moeten zeggen hoever het nog was, soms met wat te liegen om ze courage te geven.

In het ziekenhuis waren ze wat aan de brute kant, ze geloofden niet dat ze slechts 6 maanden en drie weken zwanger was, ze zeiden dat ze haar datum aan het verwarren was. Ze had volledige ontsluiting en werd onmiddellijk naar het verloskwartier gebracht. Ze installeerden haar in de verlostafel en bij een vaginaal onderzoek spatte de vochtblaas met volle kracht in het gezicht van de dokteres. Ze kon er niet mee lachen en ging kwaad weg, waarschijnlijk om haar te wassen en verse kleren aan te doen.

Ondertussen nam ik ook een handschoen en trachtte te voelen hoe de situatie was. Op het eerste gevoel, voelde ik niets, maar pas ver weg voelde ik een heel klein hoofdje!

Tomasa had toch gelijk, ze was slechts 29 weken zwanger… En nu? Niets aan te doen, zeiden de dokters, er zijn geen overlevingskansen op 29 weken. Toch niet in het nationale ziekenhuis, want daar hebben ze geen deftige incubator en ook geen ademhalingstoestel. Ik vond het erg, want eigenlijk was er toch nog hoop! In een privé-ziekenhuis of in een grotere stad hadden ze blijkbaar wel die toestellen. Op aandringen van mij, belden de dokters naar Quetzaltenango en daarna naar Guatemala- stad. Er bleken geen toestellen vrij te zijn voor het moment.

Ondertussen was Tomasa compleet rustig geworden. Ze viel zelfs eventjes in slaap. We besloten om Tomasa nog even in het ziekenhuis te laten en te gaan informeren in een privé-ziekenhuis! Het was ondertussen al bijna 4u00 uur ’s nachts en we hadden geluk dat de kinderarts en de gynaecoloog er net aanwezig waren. Ja, ze konden Tomasa en het kindje helpen, er waren wel veel risico’s aan verbonden, maar ze hadden al eerder kindjes van 29 weken kunnen redden. Alleen het zou enorm véél geld kosten! Voor de keizersnede (om druk op het hoofdje te vermijden) zouden ze 7000 Q vragen (765euro). Voor het ademhalingstoestel: 5000 Q per dag (545 euro) en misschien zou het wel meer dan een maand nodig zijn, dan nog de medicatie, dokterskosten… (1 flacon surfactant kost 1300$ en ze zouden er minstens 2 nodig hebben zeiden ze).

Het was zo moeilijk omdat we geen tijd hadden om na te denken, te overleggen, ik kon ook Eva niet bereiken omdat er ’s nachts geen signaal is in ons dorp, en Tomasa en het kindje moesten zo snel mogelijk geopereerd worden volgens de dokters. Tomasa smeekte me om haar kindje te helpen. Haar man en schoonvader zeiden niet veel; zij konden niet beslissen omdat zij het geld er niet voor hadden.

Het was een super moeilijke keuze! Kan je neen zeggen tegen een mensen leven om wille van geld? Hebben Westerse premature kindjes dan wel dat voorrecht? Op zich zouden we misschien wel aan dat geld kunnen geraken, maar weegt het dan op tegenover de ganse werking van het kliniekje en de andere patiënten? 'K vond het O zo moeilijk, gelukkig waren Kurt en Nana-Yaw er ook nog, maar ook zij konden geen beslissing nemen. Uiteindelijk hoorden we dat er misschien wel nog een toestel vrij was in een ander ziekenhuis in Guatemala-stad. De dokters zeiden dat, als Tomasa meer dan 4 cm ontsluiting had, dat we beter niet meer naar Guatemala-stad zouden rijden…

Als we terug bij Tomasa waren in het nationale ziekenhuis, had ze nog pijn van weeën, maar absoluut niet veel in vergelijking met de uren ervoor in de auto. We besloten om haar (ondanks volledige ontsluiting) toch op eigen risico mee te nemen naar Guatemala-stad.

Om 5u00 uur vetrokken we, Kurt was nog redelijk fit, maar sinds de vorige rit ongerust over de auto die niet zo goed aanvoelde. Nu ging het nog bergaf met de auto, vooral als we berg op reden ! O,nee, het ging echt niet goed met de auto, na een uurtje rijden (van de 5 uren) had hij bijna geen kracht meer en begon hij te stinken. We geraakten nog aan een benzinestation waar een man ons trachtte te helpen. Na een kwartiertje wachten zou het beter gaan en hij stuurde ons naar de plaatselijke pompiers iets verderop om zo met Tomasa naar Guatemala-stad te kunnen gaan. De auto deed het even wat beter, maar op een steile berg, gaf hij het op, Kurt, Nana-Yaw en de andere mannen duwden de auto van de weg af. We belden de verzekering en die zouden een takelwagen sturen.

Ondertussen zochten we naar vervoer voor Tomasa. Zij was rustig en goed, het kindje leefde nog. We hadden nog niets gevonden toen de takelwagen kwam, met z’n allen zaten we in de auto die bovenop de camion werd getrokken. Ondertussen probeerde ik pompiers te bellen en ziekenhuizen te bellen om Tomasa naar Guatemala-stad te kunnen overbrengen. Uiteindelijk kwamen we bij een autogarage en Kurt zou bij de auto blijven.

Wij vonden pompiers die ons voerden naar een ander ziekenhuis in Totonicapan. Ze hadden er ook geen ventilatietoestel voor het kindje, maar ze hielpen ons enorm! Tegen de middag raasden we met een geëquipeerde luxe-ambulance met volle sirenes richting Guatemala-stad. Om 14u00 uur konden we Tomasa afleveren in het ziekenhuis waar het kindje wel nog kansen had en waar we nog een sprankeltje hoop hadden voor zijn leven. In dit ziekenhuis kon de papa 3 keer in de week een uurtje op bezoek. Tomasa werd ’s avonds geopereerd. Zij stelde het goed, maar telkens als we belden was het kindje in ‘delicate toestand’. Het kindje heeft een week geleefd, het was een jongetje, de ouders waren eerst heel blij en daarna super triest! Was het de juiste keuze vraag ik me nu dikwijls af? Misschien wel, de volgende keer zou ik weer trachten naar Guatemala-stad te gaan waar er toch nog een beetje hoop is.

Auto kapot: overladen in ambulance

Terug naar Yalanhuitz met een vernieuwde auto. We bezochten ook nog eens Mateo in Quetzaltenango die het nog altijd goed stelt.

Eva:

Zaterdagavond gingen Birte en ik dansen (mijn danskunsten uitproberen na de salsa-lessen die Birte mij gaf). De volgende dag gingen we samen met nog twee vrienden voor een dagje naar zee, naar Champerico. Onderweg kwamen er plots twee mannen met grote machinegeweren op ons af... Ze richten de machinegeweren recht op ons. Waarschijnlijk was 't hun bedoeling de auto te krijgen... Jorge (vriend die achter 't stuur zat) reed zo snel hij kon rechtdoor, zonder veel te kijken of hij hen niet omver reed... De mannen werden afgeleid door een geluid dat van achter hen kwam, wat ons grote geluk was, waardoor we konden doorrijden... Heel kort daarna passeerde er een auto van "aproval" (autos die geld vervoeren naar banken enzo). Ze wilden waarschijnlijk onze auto gebruiken na de overval van die aproval-auto... Toch maar benauwelijk! Wat een geluk dat we een goeie engelbewaarder hebben!

Verder was er niet zoveel speciaals de voorbije twee weken. Er kwam een jongetje die blaadjes aan 't plakken was met secondelijm. De lijm spoot in z'n ogen en 'k kon een ganse film secondenlijm op z'n ogen zien plakken. Gelukkig helpen de druppeltjes die 'k hem gaf en ziet hij weer normaal.

Deze week kregen we bezoek van Steven en Maren met hun kindjes Oscar en Frida. Steven is van België en Maren van Denemarken. Na zes jaar in Nicaragua te werken, wonen en werken ze nu in Guatemala-stad. Iedereen was zot van die twee spierwitte schatjes!

Ik keek alvast spannend uit naar 17 april, de dag dat mijn zus Veerle en mijn vader op bezoek kwamen.

Voila cariñitos, zo zijn jullie weer op de hoogte 't grootste deel van mijn leven hier. 'k Verlang om jullie terug te zien!!!

Veel liefs en zoenen

Eva xxx